Podcast Hou van je lijf, maar dan echt hè

Aflevering 8: De kern van dit alles

Vandaag gaan we het hebben over de vraag: wat doet het met je als je meer van je lichaam gaat houden? Als je erin aanwezig bent met je aandacht?

Je lichaam is een ingang naar je onderbewuste. Wat je voelt in je lichaam zegt vaak ook iets over je innerlijke leven. Benauwdheid, buikpijn of rugpijn kunnen bijvoorbeeld samengaan met spanning, angst of verdriet. En daar kun je je bewuster van worden als je beter in je vel zit, meer van je lichaam houdt en er beter op let. Daar word je rustiger van, zekerder, spontaner en gelukkiger. Want je wordt echter, authentieker, meer jezelf.

En wat blijkt?

Alle spirituele doelen die wij onszelf stellen, zoals ontspannen, in het hier en nu leven, jezelf worden, worden vanzelf meer werkelijkheid als je meer van je lichaam houdt en er aandacht aan schenkt. Zonder dat kan het eigenlijk niet, volgens mij.

Ik zal iets over mezelf vertellen. Vroeger had ik altijd grote problemen als mensen mij iets vroegen, want ik durfde geen nee te zeggen. Ik kon eigenlijk alleen maar ja zeggen. Maar vaak kreeg ik daarna spijt. Ik maakte ook weleens dubbele afspraken om maar tegen iedereen ja te kunnen zeggen, en dan werd er altijd wel iemand boos op me. Terwijl ik nou juist zo mijn best deed.

In één periode van mijn leven had ik zelfs briefjes geplakt op de telefoon en op mijn voordeur aan de binnenkant, met de vraag:

Wil ik dit?

Om mezelf eraan te herinneren dat ik eerst even moest nadenken of ik iets wel of niet wilde.

Maar dat is allemaal niet meer nodig. Tegenwoordig zeg ik veel makkelijker nee, ook als een heel aardig en belangrijk iemand mij iets vraagt. Als het iets is wat ik niet wil of niet kan doen, zeg ik nee, maar zo spontaan dat mensen het ook helemaal niet erg vinden. Het is trouwens bijna meer mijn lichaam dat het zegt. Ik hóór het mezelf zeggen, bij wijze van spreken: “Nee joh, dat kan echt niet.” En als ik ja zeg, is het ook echt ja.

Dat komt doordat ik mijn lichaam zoveel aandacht geef dat ik alles voel wat er maar te voelen valt. Nou ja, voor zover ik weet alles. Daar heb ik bijna een dagtaak aan, want de hele tijd vliegen er gevoelens voorbij: vleugjes verdriet of zweempjes irritatie. Een wolkje nervositeit – soms weet ik niet eens waardoor of waarover. Maar toch is het allemaal welkom. Ik ga het gewoon zitten voelen.

Als het nodig is, ga ik het langdurig zitten voelen.

En na verloop van tijd golft dat vleugje of dat wolkje weer weg. Want alles wat er niet mag zijn, kan zich vastzetten in spanning. Maar alles wat er wel mag zijn, kan weer gaan golven en stromen. Zoals alles in het echte natuurlijke leven golft en stroomt. Dus het ebt ook weer weg.

En ik begrijp nu dat wij ons lichaam eigenlijk van het leven hebben gekregen om onszelf te worden. Om onze eigen weg te gaan, dus ons eigen lot mede te vormen.

En niet om goed of mooi te zijn in de ogen van anderen, of een of ander doel te bereiken dat niet echt bij ons past, maar alleen is ingegeven door reclameplaatjes en onze conditionering. We hebben een enorm oppervlakkige, materialistische cultuur gebouwd, dus die ideaalplaatjes zijn ook allemaal oppervlakkig en materialistisch.

Als je echt van je lichaam houdt, als je voortdurend, zeg maar, tachtig procent van je aandacht bij je eigen lichaam hebt, dan krijg je ook meer energie, je wordt efficiënter. Want je blijft veel minder rondlopen met onverwerkte emoties die energie wegzuigen.

Vroeger vond ik het onzin, maar tegenwoordig weet ik: ja, er is verschil tussen gevoel en emotie. Gevoel zit in je lichaam. Je hebt een dichtgeknepen keel, spanning in je nek of macaroni-benen, enzovoort.

Maar emotie is wat er ontstaat als je gedachten zich met die gevoelens gaan bemoeien. En in je hoofd kunnen gedachten eindeloos rondjes draaien. Dus emoties kun je eindeloos herkauwen, en dat doen mensen ook.

Maar lichamelijke gevoelens niet. Die golven en stromen. Als je ze echt gevoeld hebt, veranderen ze en stromen ze uiteindelijk weer weg.

Heel veel mensen beseffen dat ze last hebben van emoties, maar het enige wat ze kunnen verzinnen – het gaat trouwens grotendeels onbewust – is ze met kracht te onderdrukken. Gevoelens in het lichaam negeren, emoties wegduwen. Want dan voel je minder en kun je gewoon je gang gaan.

Maar daarmee verdwijnen ze niet. Je lichaam blijft de spanning dragen. Het is ook niet goed voor je ziel. En het is niet goed voor de wereld, al die mensen met onderdrukte gevoelens, niet-gevoelde pijn en weggestopte emoties.

Het lijkt dus een stap vooruit om emoties te respecteren.

En dat doen tegenwoordig een heleboel mensen. Het wordt al de emo-cratie genoemd, want emoties zijn ontzettend belangrijk geworden. Maar dat geeft ook weer problemen, want emoties kunnen eindeloos doorgaan. Iedereen kan onbeperkt ongelukkig blijven.

Dus echt leuk wordt het dan ook niet.

Het beste is om de primaire, spontane lichamelijke gevoelens te voelen die aan de basis liggen van emoties. Die meteen toe te laten, je hart erdoor te laten breken en de pijn te transformeren tot compassie.

Dan worden het geen hersenspinsels en geen plakkerige emoties.

Want compassie, spirituele liefde, is geen emotie, maar een staat van zijn. Een open, rustige, aandachtige, vriendelijke staat van zijn. En die ontwikkel je als je echt van je lichaam gaat houden.

Je wordt ook autonomer, minder afhankelijk van de mening van anderen, als je in je eigen lichaam thuis bent. Want je ontwikkelt een basisgevoel van veiligheid.

En dan ben je ook veiliger voor anderen. Je bent niet meer aan het zuigen. Je wilt niet meer van anderen krijgen wat je eigenlijk als baby van je ouders had moeten hebben en wat niemand anders je nu nog kan geven. Want dat geef je aan jezelf.

Dus ik heb ontdekt dat het nodig is om in je lichaam te zijn en van je lichaam te houden om een beter mens te worden. Ik heb het allemaal al verteld in deze podcast, maar ik vat het nu nog even samen.

Je hebt je huid nodig om te voelen waar jij ophoudt en waar de rest van de wereld begint. Je moet beter in je vel zitten om beter contact te maken met anderen. Je hebt bewustzijn van grenzen nodig voor relaties.

Je hebt een ontspannen buik nodig om ja te kunnen zeggen tegen het leven. En om je emoties te verwerken, net zoals je je eten verwerkt. Zodat het geen onderbuikgevoelens worden, maar gut feeling, intuïtie.

Je hebt je rug nodig om soepel nee te kunnen zeggen, zonder geweld of projectie van je eigen pijn. En om ruggengraat te hebben, innerlijke kracht. Je hebt bewustzijn nodig in je onderrug, je heiligbeen, je staartbeen, om dat oervertrouwen te voelen dat er altijd is, die oer-geborgenheid. Het weten van je lichaam dat het van de aarde is gemaakt en dat het er dus altijd bij hoort, wat er ook gebeurt.

Je hebt ontspannen schouders nodig voor bewegingsvrijheid, om te voelen dat je alle kanten uit kunt. Ook om je lichaamshouding rechtop en fier te houden, om rechtop te staan en te lopen met je schouders naar achteren en naar beneden, niet angstig opgetrokken.

Je hebt bewustzijn in je nek nodig om je nek te durven uitsteken, om de kroon van je mens-zijn te durven dragen en om het hoofd te kunnen buigen als het leven daarom vraagt. Je hebt een soepele nek nodig om niet hardnekkig te worden, halsstarrig, verstrakt of verstokt in je eigen bubbel.

En je hebt een losse nek nodig om weer een beetje een losbol te worden, om te genieten van het leven dat zich elke dag gul en overstromend van goedheid, schoonheid en waarheid ontvouwt.

Je hebt ontspannen armen en handen nodig om juist te kunnen handelen, handig en kundig, zonder graaien of grijpen, zonder slaan.

Je hebt je benen en voeten nodig, en bewustzijn en ontspanning daarin, om realistische stappen te zetten, om gegrond en geaard te blijven, niet weg te zweven in hersenspinsels.

Je hebt je adem nodig om tot rust te komen, om je hart langzamer te laten kloppen, zodat je van binnen stiller en vrediger wordt.

Je hart heb je nodig om van pijn compassie te maken. Om de schatkist in je lichaam die vol zit met oude pijn open te maken, te ontspannen in de pijn en die pijn daardoor te transformeren tot liefde. Tot kracht, geduld, diepgang.

Om ruimte te maken voor wat er is.

Voor jezelf en voor anderen.

Je hebt voortdurende, warme, vrijlatende aandacht voor je eigen lijf nodig om een veiliger, beter en vriendelijker mens voor anderen te kunnen zijn. Daar komt het op neer. Om niet van anderen te vragen wat ze je niet kunnen geven.

En als je dit soort aandacht aan je lichaam gaat besteden, krijg je allerlei wonderlijke inzichten.

Zo heb ik gezien, gevoeld, ontdekt – ineens kwam het inzicht in mij op – dat mijn hart eigenlijk niet van mij is. Mijn hart is van het leven zelf. Het is zomaar begonnen te kloppen. Ik heb het niet aangezet toen mijn lichaampje werd gevormd in de buik van mijn moeder. En ik ga het ook niet zelf uitzetten. Het klopt gewoon, dag en nacht, zonder dat ik er iets voor hoef te doen.

Ik kan bewust rustiger ademen, en dat werkt door in mijn hartslag. Maar verder heb ik er verrassend weinig over te zeggen.

Een plek waar ik mijn eigen spanning en mijn omgang met de wereld juist heel sterk kan voelen, is rond mijn middenrif en de solar plexus. In de chakraleer is dat het gebied van het derde chakra, dat verbonden wordt met wilskracht, handelen en je plek innemen in de wereld.

In relatie gaan met andere mensen geeft in een normaal mensenleven behoorlijk wat stress. Het is ook een gebied waar kinderen vaak buikpijn voelen als ze gespannen zijn.

Heel veel mensen die als kind niet in een veilige omgeving leefden, vertellen dat ze vaak buikpijn hadden. Ik hoor cliënten bijvoorbeeld zeggen: “Ik heb eigenlijk mijn hele jeugd buikpijn gehad.”

En bij veel mensen zit daar nog steeds spanning, merk ik in mijn praktijk. Het lijkt alsof er een te strakke riem omheen zit, of een steen erin, of een spiraal die naar binnen trekt – dat zijn bijvoorbeeld manieren waarop mensen het omschrijven.

En dat is heel menselijk en helemaal niet erg. Je kunt het voelen en nog meer voelen en nog meer voelen, er vriendelijk voor zijn en je hand erop leggen. Dat helpt allemaal.

Er zijn ook andere manieren om met spanning om te gaan. Bijvoorbeeld heel veel eten; dat deed ik als kind. Eten kan troosten en spanning dempen. Mijn moeder had honger geleden in de oorlog, in een jappenkamp, en die zei vaak en stellig: “Als je niet eet, ga je dood.”

Dus eten was bij ons niet zomaar eten. Maar zo stellig als zij het poneerde – daar geloof ik allang niet meer in.

En als je ouder wordt en minder energie verbruikt, heb je sowieso minder eten nodig. Het is goed om te blijven voelen hoeveel je lichaam werkelijk nodig heeft.

Als je met je aandacht in je lichaam bent, als je echt houdt van je lijf, ga je niet gemakkelijk véél te veel eten. Ik spreek uit ervaring, ha ha. Ik eet wel vaak een klein beetje te veel als het heel lekker is. Maar veel te veel eten is helemaal niet fijn. Dan heb ik urenlang een rotgevoel. Dan ligt er te veel druk, heel onaangenaam, op mijn arme maag en mijn arme darmen.

Maar hoe kun je beter leren voelen? Als je dit allemaal gehoord hebt en denkt: ja, maar hoe dan?

Soms heb je hulp nodig. En gelukkig is er ontzettend veel hulp in de wereld op het moment. Er zijn heel veel lichaamsgerichte therapieën, workshops en opleidingen. Voor mij was dat rebalancing.

Op 28 april 2015 had ik mijn eerste rebalancingsessie bij Wilko Iedema. Dat was een enorme ommekeer in mijn leven.

Ik ben daar meteen ontploft, als het ware. Wilko legde zijn handen onder mijn rug en ik begon vrijwel direct te huilen. Er werd iets wezenlijks aangeraakt. Ik had werkelijk al het andere al gedaan wat ik kon bedenken aan zelfonderzoek en zelfgenezing, behalve dit. En dit was een soort ontlading.

Daarna is het met mij echt heel anders gegaan dan daarvoor.

En wat ik nu weet, is dit: alleen ikzelf kan mijzelf genezen. Ik kan mijn innerlijke wonden, mijn trauma’s helen die ik als heel klein kind heb opgedaan door te weinig aandacht of verkeerde aandacht, maar het echte werk moet ik zelf doen, door te voelen.

Alleen ik kan mezelf geven wat ik als baby had moeten hebben – want ik ben die baby niet meer, ik ben dat bange, eenzame en getraumatiseerde kind niet meer. Alles wat mensen voor mij doen, doen ze voor de volwassene die ik ben. Als ze iets zouden proberen te doen voor de baby in mij, zou ik dat heel irritant vinden, want ik ben geen baby.

Maar dat innerlijke kind, die eenzame en bange baby, zit nog steeds in mijn onderbewuste. En mijn onderbewuste spreekt onder andere via mijn lichaam.

Dus ik heel dat kind alsnog door mijn lichaam warme en voortdurende aandacht en onvoorwaardelijke liefde te geven. Alle vriendelijke zorg en aandacht voor mijn eigen lichaam gaan rechtstreeks naar dat kind dat ik ooit was. En dat innerlijke kind wordt gezonder, gelukkiger, dankbaarder, steeds blijer, gevoeliger en opener, hoe meer ik er ben voor mezelf.

Rebalancing is voor mij het meest spirituele dat ik ooit gedaan heb, en ook het meest opwindende, het meest gelukkigmakende.

Wat je leert in rebalancing is iets wat heel eng kan zijn: angst durven voelen en uiten. Die angst zat er bij mij al vanaf mijn geboorte, of waarschijnlijk nog daarvoor, op allerlei plekken in mijn lichaam opgesloten. Maar die werd aangeraakt en mocht eruit.

Omdat het zo veilig was. Omdat deze rebalancer, en de andere rebalancers die ik daarna in de opleiding en daarbuiten heb meegemaakt, het helemaal goed vonden dat ik bang was en dat ik mijn angst liet zien.

En ook verdriet, oud verdriet, naamloos verdriet, bodemloos verdriet, kon de vrije loop krijgen.

En woede, terechte woede, felle, krachtige woede die nooit een kant op had gekund, kon er nu wel uit.

Rebalancers zijn veilig om dat bij te doen omdat ze zelf ook deze ontwikkeling hebben doorgemaakt. Daar zijn ze vriendelijker en toleranter van geworden. En rustiger.

Nu weet ik ook: wat onze wereld in crisis het meest nodig heeft, is deze spirituele ommekeer. Deze ommekeer naar lichaamsbewustzijn.

Wij hoeven helemaal niet naar de sterren. We hoeven geen technische hoogstandjes.

We moeten met onze aandacht naar binnen. Er zijn voor ons lijf. Want dan worden we veiliger voor elkaar. Dan gaan we voelen wat er allemaal pijn doet en wat er moet veranderen.

Nou, dit is de eerste serie van Hou van je lijf, maar dan echt hè. Ik ga door, maar dan in gesprek met andere mensen. Ik ken een heleboel mensen die fijne, belangrijke en interessante dingen weten over lichaam en ziel en over de relatie tussen lichaam en ziel.

Via mijn nieuwsbrief vertel ik over nieuwe afleveringen. Als je nog geen abonnee bent van mijn nieuwsbrief, kun je je opgeven via de knop op de homepage van deze site.

En dan voor nu: heel erg bedankt voor het luisteren.