Waarom heb ik dit lot getroffen?

“Waarom hebben mijn zussen en broers allemaal wel geld en een goed huwelijk en ik niet?” vroeg een cliënt van me laatst en ze moest ervan huilen. “Wat is er mis met mij dat ik het zo moeilijk heb?”
Het is een peilloos diepe vraag: waarom ben ik ik, en niet een ander? Waarom heb ik dit lot getroffen?

Ik had ook weleens last van dat soort gedachten, de afgelopen maanden. Voor de tweede keer na mijn scheiding ben ik verhuisd, nu van het huis met de marmeren gang in Hillegersberg naar mijn huidige appartement in het Liskwartier in Rotterdam. Van 128 naar 56 vierkante meter. Van een singel met hoge bomen naar een straat in de stad.
‘Kleiner gaan wonen’, las ik in het blad Onze Taal, is een van de vele eufemismen voor sterven. Af en toe, bij vlagen, piepte een mokkend stemmetje: Waarom moet ik hier naar toe, terwijl andere vrouwen van mijn leeftijd in gigantische huizen zitten, omringd door parken van tuinen?

Begrijp me goed, het is een heerlijk appartement en ik ben er dolblij mee. Kijk maar:
Het is in feite precies wat ik zocht voor mezelf – een benedenverdieping met een praktijkruimte, met openslaande deuren naar iets groens, in een rustige straat, in een hippe wijk. Het huis is uit 1908 met hoge plafonds, beeldige deuren en originele details, maar wel opgeknapt en comfortabel. Het is vriendelijk, warm en stil. Mijn liefje, wat wil je nog meer?

Maar ik begreep mijn cliënt omdat ik in mezelf kon herkennen wat ze voelde. Zoals ik vrijwel alle gevoelens van anderen, als ze eerlijk geuit worden, kan herkennen in mezelf. En het is een interessante vraag: waarom heb ik deze uitdagingen? Het lijkt soms zo onrechtvaardig.

Mijn goeroe Barry Long zei ooit: de rechtvaardigheid zit ‘m in het feit dat er ook altijd iemand is die het minder goed heeft dan jij. Vroeger vond ik dat een flauw antwoord, maar nu denk ik: ja inderdaad, waarom zou ik die persoon niet zijn die het nog veel moeilijker heeft dan ik, waarom zou ik het zoveel beter hebben dan anderen? Dat is ook niet rechtvaardig.
Hoeveel vrouwen van mijn leeftijd hebben het zo goed als ik, in de wereld? Niet meer dan ongeveer één op de zeven, las ik in het boek Feitenkennis, van Hans Rosling. (Fascinerend boek, grote aanrader). Het is bijzonder, zowel geografisch als historisch, om zo welvarend te zijn als wij hier en nu, zo veilig en verzorgd, zo vrij en onbekommerd. Eigenlijk hebben we allemaal genoeg redenen om jubelend van dankbare vreugde door de straten te dansen.

Rosling verdeelt welvaart en welzijn in de wereld in vier niveaus. Ruwweg één miljard mensen zitten net als jij en ik en mijn cliënt op level 4, het bovenste: we hebben meer dan 32 dollar per dag te besteden, meer dan twaalf jaar onderwijs gehad en we zijn weleens met een vliegtuig op vakantie gegaan. We kunnen eens in de maand uit eten en natuurlijk hebben we thuis warm en koud stromend water.
Een geschatte twee miljard mensen in de wereld leven op dit moment op level 3, met een gemiddelde van 16 dollar per dag. Ze hebben elektriciteit en een koelkast en koud water uit de kraan, hun kinderen gaan naar school en af en toe kunnen ze een middagje naar het strand, bijvoorbeeld.
Drie miljard mensen, met een natte vinger, leven op level 2: met 4 dollar per dag kunnen ze ook voedsel kopen dat ze niet zelf verbouwen. Ze kunnen zelfs sparen om sandalen te kopen voor de kinderen en voor matrassen om op te slapen. Maar het is een onzeker bestaan, want de eerste de beste ziekte kan ze doen terugvallen naar het laagste inkomensniveau, dat van de één dollar per dag.
Dat is level 1, het niveau van de extreme armoede. Geen schoenen, geen water uit de kraan, vaak honger, en als er eten is, dan is het grauwe pap. Zo om en nabij een miljard mensen leven min of meer zo, anno 2018.

Rosling’s boodschap is dat we allemaal een te sombere kijk hebben op de wereld, want we weten niet dat de extreme armoede in de afgelopen twintig jaar gehalveerd is en dat de meeste mensen op Aarde inmiddels op niveau 2 en 3 zitten. In het jaar 1800 leefde 85 procent van de wereldbevolking in extreme armoede, nu nog maar 9 of 10 procent. Maar toen ik het las, was ik vooral onder de indruk van al die miljarden mensen die het nog steeds zo ontzettend veel slechter hebben dan ik. Ook ontzaglijk veel vrouwen van mijn leeftijd, ongetwijfeld met mijn intelligentie, originaliteit, humor en andere talenten, als ze die maar hadden kunnen ontplooien, in betere omstandigheden. Dus de veel reëlere vraag is: waarom heb ik het zo goed?

Ik weet het niet. Waarom ben ik ik? Nou ja, iemand moet het doen, iemand moet ik zijn. Misschien moeten we het niet zo persoonlijk nemen. Je zou raar opkijken als je pink ineens ging protesteren: “Waarom ben ik kleiner en dunner dan de andere vingers?” We horen bij elkaar als één mensheid, één organisme.

Rosling’s boek is inderdaad hoopgevend, omdat hij beschrijft hoe hard we bezig zijn de extreme armoede uit de wereld te helpen: die is gehalveerd in de afgelopen twintig jaar. Heel veel ontwikkelingen gaan de goede kant op. En alles is in ontwikkeling.
Die visie kun je doortrekken naar het individuele niveau, denk ik: het hele leven is één groot, beweeglijk, vibrerend, pulserend en stuwend ontwikkelingsproces. Ik weet niet wat andere vrouwen te leren hebben. Mijn cliënt weet niet wat haar broers en zussen te ontwikkelen hebben. Maar ik kan wel kijken naar mijn eigen taak: ben ik hier om het mezelf zo makkelijk mogelijk te maken? Of wil het leven door mij iets tot stand brengen, wil er iets nieuws geboren worden en groeien en bloeien in mij?

Daar gaat het om. Niet hoe rijk of arm of vet of mager of lang of kort je leven is. Maar om doen waarvoor je gekomen bent, leren wat je te leren hebt, jezelf door de vuurproeven en de maalstromen van het leven laten uitkristalliseren tot een vrijer en een liefdevoller mens. Daarvoor zijn we hier.

7 Comment

  1. Mooie reflectie, schokkend dat zoveel mensen niet hebben wat wij . zo vaak als doodnormaal beschouwen. Dank voor je blog Lisette.

    1. Lisette Thooft Lisette Thooft says: Beantwoorden

      Ja, het is een gewoonte om alleen maar naar de ene kant te kijken, naar dat wat je niet hebt. Maar het belangrijkste is eigenlijk dat we een kantelpunt bereiken, een moment waarop het meer gaat om innerlijke dan om uiterlijke ontwikkeling.

  2. Diane Peeters says: Beantwoorden

    Dankjewel voor je prachtige woorden, Lisette!

    1. Lisette Thooft Lisette Thooft says: Beantwoorden

      <3 <3 <3

  3. Dank je wel!! Wat een mooi zicht! Ja waarom heb ik het zo goed eigenlijk. Het relativeert m’n ‘arme ik gevoel’ en waarom heb ik dit levenspad. En sluit aan bij m’n dankbaarheid en vreugde die er meer en meer is. Een bijdrage, jouw post! Ik deel hem verder.

    1. Lisette Thooft Lisette Thooft says: Beantwoorden

      Jij ook bedankt, voor het begrijpen, reageren en delen!

  4. Nicole says: Beantwoorden

    Een goede oppepper

Geef een reactie