|
Ik heb een horloge van mijn moeder geërfd, een ouderwets horloge dat je met de hand moet opwinden, en het loopt elke dag een paar minuten vóór. Dat paste perfect bij mijn moeder die altijd haast had en weinig geduld, die zelf eigenlijk ook een beetje te strak gespannen stond. Ik vind het ontroerend en ik zet geduldig elke dag de grote wijzer een paar minuten terug.
Geduld is essentieel als je wilt leren ontspannen.
“Je kunt aan je nek vragen of hij een beetje losser wil worden,” zeg ik vaak tegen cliënten in mijn rebalancing praktijk. “En dan moet je wachten. Want je lichaam is veel trager dan je geest. Je denken kan flitsen als een computer: zwoesj, zwap, hoppa. Maar je lichaam moet elke verandering cel voor cel door-akkeren.”
Ik heb dat maandenlang gedaan, toen ik begon met lichaamsbewustzijn: als mijn hoofd op het kussen lag, vroeg ik inwendig: mag het ook een beetje losser? En dan ging ik liggen wachten tot ik mijn hoofd voelde zakken, een soort bloeb-gevoel. Tien minuten later zat mijn nek meestal weer vast, en dan deed ik het weer. En weer, en weer, tot het een nieuwe gewoonte werd.
Geduld is ouderwets. De meeste mensen willen een probleem direct gefikst hebben, een vraag meteen beantwoord, een pil die instant werkt. Hoe knapper de techniek wordt, hoe minder vanzelfsprekend geduld is.
Wat is geduld precies?
“Het is controle loslaten,” zei iemand. Ja, maar wat laat je dan eigenlijk los? Is controle niet meestal een illusie, hier op Aarde? In werkelijkheid hebben we bitter weinig macht over hoe ons leven zich ontvouwt, alle intenties, doelen, wilskracht en affirmaties ten spijt. Op m’n ouwe dag kan ik dat wel zeggen: ik heb inmiddels al zo vaak ervaren dat alles zomaar ineens anders kan zijn. Anders dan het was, anders dan de bedoeling was.
Dus wat laat je los als je geduldig wacht? Een illusie. Je stopt alleen maar met jezelf voor de gek te houden.
Geduld is: niet weten hoe lang iets gaat duren, en dat accepteren. Dulden is verdragen, en geduldig zijn is het leven verdragen ook als je niet weet hoe het verdergaat, of als het niet is wat je had bedacht of gehoopt. Die langzaam wegtikkende klok uithouden, zonder weerstand.
Daarvoor kun je draagkracht oefenen.
Dulden is etymologisch te herleiden tot het oudindische tulayati, dragen, dat ook het woord talent heeft voortgebracht: de talanta waren de weegschalen die een som geld droegen. Grappig, dat talent en geduld dezelfde voorouder hebben.
Geduld is een talent dat we tot bloei kunnen brengen.
Hoe dan?
Ik heb een paar nieuwe tegeltjes in mijn praktijk hangen. Onderaan het trapje hangt:

Wat er niet mag zijn, zet zich schrap.
Halverwege hangt:

Wat er wel mag zijn, komt in beweging, verandert, evolueert. Het is de wijsheid achter rebalancing in een notendop, en het werkt ook bij zoiets als ongeduld. Als je weerstand hebt tegen je gespannen staat van zijn, je vindt jezelf een stresskip en je denkt dat je in de vertraging en verstilling moet, dan zet het ongeduld in je zich schrap.
Beter is: je bewust worden van je ongeduld, heel precies voelen hoe het voelt, en het omarmen.
Nog beter: ervan genieten. Ervaren en toegeven aan jezelf hoe lekker het is om gestresst te zijn, niet helemaal aanwezig te zijn met je zintuigen in het hier en nu, maar hoog en droog in je hoofd te zitten met racende gedachten en spannende fantasieën.
Probeer maar eens.
Ik las Existential Kink, een heerlijk boek van de Amerikaanse therapeute Carolyn Elliott, die deze methode – genieten van wat je naar je onderbewuste hebt verbannen – tot een nobele kunst heeft verheven. Zij zegt, als ik het hele boek samenvat in een paar zinnen toegepast op dit voorbeeld: alles wat we in ons leven hebben, is door ons zelf gewenst, begeerd. Niemand geeft graag toe dat ze liever strak als een snaar rondrent dan sereen in zen te zakken, dus die begeerte naar spanning en stress is verdrongen. Als je dat nu inziet, en begint te voelen hoe opwindend het eigenlijk is om te stressen, dan verandert er iets.
Ten eerste geniet je meer van je leven en heb je minder te klagen.
Ten tweede wordt die begeerte naar stress dan eindelijk bewust vervuld, ingelost, bevredigd. En dat maakt dat het kan stromen, dat het verandert. Dat er vanzelf ook ruimte komt voor geduld.
.
Het doet me denken aan een scène in het eerste jaar van onze rebalancing-opleiding. Wilko Iedema was hoofddocent en op een ochtend stond hij te wachten tot de groep tot rust gekomen was en we konden beginnen.
“Geduld is een schone zaak,” hoorde ik hem mompelen in zichzelf.
Om er aan toe te voegen: “Ongeduld trouwens ook.”
Daarom houd ik ook zoveel van mijn moeders horloge.
|
Geduld is een schone zaak, zei mijn moeder altijd. Prachtig hoe jij dit nu weer uitlegt. En wat een dierbaar erfstukje van je moeder. Een mooie zomer Lisette.
Dank je wel Ineke!