Zijn we wel materialistisch genoeg?

Met rode oortjes las ik de dikke biografie HPB – ‘Het bijzondere leven en de invloed van Helena Blavatsky, stichtster van de moderne theosofische beweging’ door Sylvia Cranston, voor een verhaal in Happinez (het komt in nummer 4, eind mei). Wow, wat een powervrouw, wat een nietsontziende moed en zelfopoffering, wat een spirituele mastodont. Haar leven was vol wonderen, ze had paranormale gaven, ze reisde voortdurend over de hele aardbol en werkte aan één stuk door. Ze vond dat we onze grofstoffelijke natuur moesten verheffen.
Tevens rookte ze aan één stuk door sigaretten, was ze vaak ziek, werd ze heel dik en stierf ze voor haar zestigste.

Was ze wel materialistisch genoeg, vroeg ik me stilletjes af. Hield ze wel van haar lijf, van het leven van vlees en bloed hier op Aarde? Kon ze wel voelen, was ze er wel helemaal?

Ik weet nogal veel van ‘er niet helemaal zijn’ want dat heb ik zelf het grootste gedeelte van mijn leven gedaan en ik voelde me er altijd heel spiritueel bij. Weinig voelen, veel denken. Veel mensen doen het. Sigaretten roken past daar prima bij. En veel eten om gevoelens te dempen. En alcohol of andere drugs gebruiken om jezelf te verdoven, niet waarvoor ze bedoeld zijn: het bewustzijn verruimen. Of dwangmatig shoppen, veel te hard werken, ach je weet wat ik bedoel. Maar sinds ik ontdekt heb hoe oneindig veel interessanter het leven is als ik mag voelen van mezelf wat er te voelen valt, ben ik een betere materialist geworden.

Ooit schreef Jurriaan Kamp, destijds hoofdredacteur van Ode dat tegenwoordig Optimist heet, dat we eens wat meer materialistisch moesten worden. Echt materialistisch, legde hij uit, is dat je  geïnteresseerd bent in de materie van de spullen zelf – niet in zoiets abstracts als een hippe merknaam of prijs. Hoe vóelt deze trui, waar is hij van gemaakt, hoe gedraagt deze stof zich, waar komt dat vandaan, hoe is het geproduceerd – wat zit er allemaal in? Dat is een veel belangrijker vraag dan: was hij duur, is dat zichtbaar voor anderen en maak ik er de blitz mee?

Echt materialisme is natuurlijk ook lichaamsbewustzijn.
In de spiritualiteit van vorige eeuwen was er vaak verwaarlozing van het materiële deel van het bestaan, het lichaam en de wereld. Als je gelooft dat het pas na de dood goed komt, in de hemel, is dat logisch. Maar tegenwoordig willen we het hier op Aarde ook goed kunnen hebben. Dat komt door de welvaart natuurlijk, maar er is meer.

Bewustzijnsverruiming.
Osho zei dat je een ‘Zorba de Boeddha’ kunt zijn, iemand “…die wijn kan drinken, op het strand kan dansen en zingen in de regen en tegelijkertijd beschikt over het diepe inzicht en de wijsheid van een wijze.” Volgens Osho had het Oosten de innerlijke wereld aanvaard maar de wereld buiten ons verloochend, en het Westen de materiële wereld aanvaard en de innerlijke wereld verloochend. “Ze leven allebei maar voor de helft en een half mens kan nooit tevreden zijn.” Een Zorba de Boeddha wel, die geniet verlicht.

 

Kernvraag. Is er wel een geestelijke wereld die apart staat van de materiële?
Mijn zoon die technische natuurkunde heeft gestudeerd, zegt: “De fysica richt zich vanouds op materie, en die materie is zo droog en levenloos dat mensen daarnaast een geestelijk rijk nodig hadden. Maar in de kwantummechanica is dat anders; op het kleinste niveau is alles in beweging, is alles verbonden en gedraagt alles zich onvoorspelbaar. Dan heb je niet zo sterk meer een apart domein nodig van geest of ziel.”
In Jip en Janneke-taal betekent dat voor mij: God zit in de stof, daar hoef je geen hemel voor op te tuigen. Want God is dus overal. Bewustzijn is overal, in mijn leven hier en nu, in het jouwe, in de natuur, in lichaam, ziel en geest.
Ik heb dit vaker gehoord; het klinkt bijvoorbeeld door in het antwoord dat zenmeester Unmon rond 900 n.Chr. gaf op de vraag: Wat is Boeddha? Boeddha is de schijtstok, zei hij. Dat was een platte stok waarmee ze in die tijd hun billen afveegden. De boeddhanatuur is overal, met andere woorden, tot en met het meest nederige, ongeziene, verworpene.

Ook in de ellende? Is God ook in pijn, ziekte en dood?
Ja, als God overal is, is God natuurlijk ook in de ellende. Dan ga je niet uit van een kosmische strijd van Goed tegen Kwaad, met team God aan de ene kant en team Duivel aan de andere. Daar ben ik ook niet zo’n fan van, jij wel? De Duivel is echt alleen maar een knechtje van God.
Het bestaan is een kosmisch proces van bewustwording, en alles is welkom, in dat proces. Goed, kwaad, pijn, vreugde, overvloed, armoe, alles.
Trouwens, als de materie voortdurend in beweging is, bestaat perfectie sowieso niet. Perfectie is stilstand, bevroren volmaaktheid, niks meer aan doen. Beweging is voortdurende verandering. Daarvoor heb je tegenstellingen nodig, en onvolmaaktheid.

Zelfs als het niet helemáál te snappen valt, kunnen we toch als volbloed-materialisten houden van ons lijf, van ons leven in de stof, hier en nu, precies zoals het is.

2 Antwoorden op “Zijn we wel materialistisch genoeg?”

  1. Lieve Lisette,
    Hier ben ik het hart-grondig ???? mee eens; ook uit de ervaring dat spiritualiteit pad echt groeizaam is, als het belichaamd wordt!

    Hartegroet,
    Lilly

  2. Dag Lisette,
    Dank voor je blog. Het raakt op vele lagen en ik ervaar het ook als een opdracht die ik mezelf al enige tijd geleden meegaf en die nu weer in herinnering wordt geroepen.

Geef een reactie