Mijn gruwelijke geheim

Waarover lezen mensen het liefst? Ik ging eens checken op de bestsellerlijst. Bij de eerste twintig staan boeken over: een gruwelijke aanval op een jonge vrouw, het schokkende verleden van een verwilderd kind, een vrouw in coma door een ongeluk, geheimen rond een tragisch ongeluk in het verleden, een zelfmoord met een duister geheim, twee verdwenen tienermeisjes, een vrouw die zichzelf opblaast, een vermoorde vrouw in een trein, koude rillingen bij de vondst van een dode vriendin…
Waarom al die vrouwelijke slachtoffers? In het echt worden er dubbel zoveel mannen vermoord als vrouwen. Maar vrouwen zijn kwetsbaarder. En daders zijn tien keer zo vaak mannen. En vrouwen lezen meer.

Maar ja, dan nog, waarom willen we zo graag lezen over ellende, vooral over mysteries rond ellende in het verleden?
Heerlijk huiveren? Maar waarom is dat lekker?
Ik denk: omdat we zélf vrijwel allemaal afschuwelijke geheimen met ons meedragen, verboden thema’s, diep weggestopt in ons onderbewuste. Trauma’s die we verdrongen hebben, die niemand mocht weten, ook wij zelf niet. Erover lezen raakt iets aan dat aangeraakt wil worden, dat bewust gemaakt wil worden.

Daarom ben ik rebalancer geworden.
In de opleiding ben ik eens een gruwelijk geheim in mezelf op het spoor gekomen, en ik bedoel niet het misbruik waarover ik uitgebreid geschreven heb in mijn autobiografische boek Kom uit je hoofd. Het was iets anders, iets dat nog dieper zat, iets nog jongers.
We oefenden met massage op de borst. Je masseert bij rebalancing geen borsten, raakt nooit tepels aan, maar je kunt wel masseren op het borstbeen, de ribben, en op het middenrif met het diafragma, die grote ademspier.
Op de massagetafel kwam ik terecht in een afschuwelijk visioen: ik zag mezelf op de kantelen van een kasteel, met een enorme lans die recht door mijn borstbeen ging en die me tegen de muur vast-spiesde. Ik schreeuwde het uit en de halve staf van docenten kwam om onze tafel heen staan om te kijken of ik hulp nodig had. En in mij kwam op: ik heb een gruwelijk geheim, iets dat niemand mag weten, iets dat ik zelf al die jaren niet mocht weten.
Maar ik wist ook: dit was het moment om het te uiten. Als ik durfde. Als ik mijn mond kon openen en de woorden eruit duwen.
Ik durfde. Ik opende mijn mond en duwde de woorden eruit. En wat was het gruwelijke geheim?
“Ik wil zo graag ademen, maar ik kan niet.”

Nogal teleurstellend hè, qua gruwelijk geheim, de staf droop af, ik kwam bij, er was niets aan de hand. Nou ja, behalve dan dat ik een oud, existentieel trauma op het spoor was gekomen.
Misschien was het echt iets uit een vorig leven, ben ik ooit zo aan mijn eind gekomen en heb ik in mijn volgende leven ademnood geregeld om alsnog die oude wond te kunnen aankijken. Of misschien was die lans door mijn borst alleen maar symbolisch, een beeld waarmee mijn onderbewuste het gevoel weergaf dat ik had als baby: niet te kunnen ademen. Misschien had ik ademproblemen bij de geboorte, dat weet ik niet, maar ik weet wel dat ik ongewenst was, dus dat mijn levensadem me niet van harte was gegund. En dat mijn moeder door de stress nog meer was gaan roken dan ze al deed. Waarschijnlijk was ook de sfeer in het gezin adembenemend benauwend.
Niet voor niets had mijn oudere broer Joost astma en is hij op zijn 17e gestorven aan een overdosis anti-astma-medicijn, waarschijnlijk isoprenaline.
Ik kreeg geen astma, maar ik ging wel minder goed ademen; ik hield mijn adem in als er stress was, als ik bang was, als ik eenzaam was, als ik ergens van schrok, en dat gebeurde voortdurend. Er is nog een Reichiaanse coach en een Buteyko-ademtraining aan te pas gekomen voordat ik mijn adem wat beter in orde had, rustig en licht. En ik kan je vertellen dat het een van de belangrijkste ontdekkingen van mijn leven is geweest: hoe mijn adem mijn gemoed beïnvloedt.

Vermoedelijk hebben we allemaal zulk soort geheimen in het onderbewuste die voor ons als kind gruwelijk waren. Een diepe angst die onderdrukt is, een afgrondelijk gevoel van verlatenheid te erg om mee te leven, een brandende woede die er niet mocht zijn… ik kom het allemaal tegen in mijn rebalancing-praktijk.

Langs het trapje naar boven in mijn praktijkruimte heb ik tegeltjes opgehangen met de belangrijkste oneliners van het proces: What you resist, persists – wat er niet mag zijn, zet zich schrap en blijft steken. “Wat er mag zijn, gaat stromen” – het golft op, en het ebt langzaam maar zeker weg. “Je diepste wond wordt je grootste kracht” – als de pijn er mag zijn, maakt je hart er liefde van.

Een volwassen mensenhart is groot genoeg om stapje voor stapje de pijn uit het verleden toe te laten tot het bewustzijn en te transformeren tot compassie. Daar hebben we hart-kracht voor nodig, courage, van het Latijnse woord cor, hart – een dosis moed.

En misschien ook spannende boeken die iets raken in onze ziel.

5 Antwoorden op “Mijn gruwelijke geheim”

  1. Ben om 0.15 geboren, in de kerstnacht. De vroedvrouw wilde een kerstkind halen. Anders was ik de 24e geboren. Wat ik van mijn moeder weet is dat ik niet eens wilde huilen. Ik draag de benauwdheid nog steeds mee en vooral in de winter.
    Kan niet tegen hooggesloten kleding. Ben nu 73 jaar en ik vergeet soms adem te halen als ik iets gehaast ben. Kom uit een groot gezin waar veel stress was, dan hield ik mijn adem in van de angst, om niet te horen en voelen. Nu kan ik alles wel plaatsen hoor.
    Groeten Janny Ruijten

    1. Ja zo gaat het, dat deed ik ook altijd: adem in om minder te hoeven voelen. Met bewustzijn erop kun je het veranderen.

  2. Bizar dat ik hier terecht ben gekomen. De herkenning. Ongewenst kind, niet mogen huilen enz. enz. Momenteel weer serieus met de Buteyko ademhaling bezig waar ik jaren geleden al zoveel baat bij had omdat ik chronisch hyperventileer en dat nu weer in alle hevigheid de kop op heeft gestoken.
    Echt fijn om hier terecht te zijn gekomen en te lezen. Dank voor je verhaal.

    1. Wat goed dat je met Buteyko bezig bent! Veel succes en dank voor je mooie reactie.

  3. Anja van der mijle zegt: Beantwoorden

    Het klinkt raar misschien maar, ik heb u gevonden. Herkenning in alles wat u zegt. Vanmorgen 6 juni op de televisie gezien. Uitgekeken en teruggekeken en weer opnieuw. Ik heb een hele weg te gaan nog dat weet ik maar het begin…….dankjewel. pijnlijk herkenbaar allemaal.

Geef een reactie